De scholen zijn weer begonnen, tijd voor de WAB!


Door: Jouke Sjaardema | 26 augustus 2019

Huiswerk voor de Wet arbeidsmarkt in balans.

Je herkent het wel, een spandoek met ‘De scholen zijn weer begonnen’. Voor jou en mij een waarschuwing voor de schooljeugd in het verkeer, maar voor henzelf het begin van ‘heb jij jouw huiswerk al af?’. In bijna iedere eerste les van het nieuwe schooljaar krijgen ze te horen dat ze op tijd moeten beginnen en dat er geen uitstel mogelijk is van de uiterste inleverdatum voor een project of werkstuk. En wanneer het erop aankomt, is er paniek, stress, rode vlekken en blaren waarop ze moeten zitten en dan ligt het toch weer aan die stomme school!

 

Per 1 januari 2020 wordt de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) ingevoerd en uitstel hoeven we voor de meeste maatregelen niet te verwachten. Weet wat je moet doen en begin dus op tijd. Dat voorkomt paniek, stress, rode vlekken en blaren waarop je moet zitten. Die blaren gaan geld kosten, zo’n 5% van de loonsom van een werknemer. Eenvoudig gezegd betaalt de werkgever voor de vaste werknemer 5% minder WW-premie, dan voor de niet vaste werknemer. Door je daar goed op voor te bereiden, kan je dit premieverschil voor een deel van het werknemersbestand wellicht voorkomen.

 

Ik zal je op weg helpen met enkele aandachtpunten die van invloed kunnen zijn op de WW-premie. In de basis betaal je voor een werknemer 5% minder WW-premie wanneer er sprake is van een schriftelijke arbeidsovereenkomst, voor onbepaalde tijd, met een vast aantal uren. Voor die basiscriteria volgt hieronder een korte toelichting.

 

Schriftelijke arbeidsovereenkomst

Een belangrijke voorwaarde voor de lage WW-premie is dat er sprake is van een schriftelijke arbeidsovereenkomst. Dat moet aantoonbaar zijn, ook wanneer iemand al meer dan 20 jaar in dienst is en ooit als zaterdaghulpje is begonnen. Inventariseer dit en neem eventueel maatregelen. Het zal later dit jaar vastgelegd moeten worden in jouw HR- of salarissysteem en per 2020 deel uitmaken van de loonaangifte. Een ‘ja’ in de aangifte van 2020 kan je 5% WW-premie besparen.

 

Bepaalde of onbepaalde tijd

In de huidige loonaangifte wordt doorgegeven of er sprake is van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd. Dit zal dus vastgelegd zijn in jouw HR- of salarissysteem. In de praktijk blijkt hier veel vervuiling in te zitten en loopt een UWV hier pas bij een uitkeringsaanvraag tegenaan. Controleer je administratie hierop. Alleen contracten voor onbepaalde tijd komen in aanmerking voor de lage WW-premie en wat houdt je tegen om tijdelijke contracten die begin volgend jaar voor onbepaalde tijd verlengd gaan worden, al iets eerder om te zetten in een contract voor onbepaalde tijd.

 

Vast overeengekomen arbeidsduur

Is er geen sprake van een vast overeengekomen arbeidsduur, dan is er volgens de standpunten van het kabinet een inkomensrisico voor de werknemer. Dit leidt tot een hoge WW-premie. De klassieke oproepkracht valt hieronder, maar ook een werknemer met een min-maxcontract. Ook voor parttimers met veel meeruren zal uiteindelijk de hoge premie betaald gaan worden. Juist op het gebied van de arbeidsduur heb je ‘huiswerk’ en dat kan je geld besparen. Begin dus op tijd!

 

  • Oproepcontract: In hoeverre is een oproepcontract nog steeds een oproepcontract? Beoordeel het lopende jaar van een oproepkracht en misschien is het verstandig om deze persoon een parttimecontract aan te bieden. Een maatregel die de WAB de werkgever straks toch al min of meer oplegt. Een parttimecontract voor onbepaalde tijd zal in de basis tegen de lage WW-premie worden afgerekend, terwijl een oproepcontract bijna altijd tot een 5% hogere premie zal leiden.
  • Min-maxcontract: Een min-maxcontract wordt tegen de hoge WW-premie afgerekend. Alhoewel er arbeidsrechtelijk iets te zeggen valt voor een min-maxcontract, kan je overwegen om deze om te zetten naar een parttimecontract, zonder een max-clausule. Doe dit weloverwogen en laat je adviseren. Dit contractuele verschil kan je 5% premie besparen.
  • Parttimecontract en verloonde uren: Om de boefjes onder ons voor te zijn, wordt bij een vast parttimecontract gekeken naar alle verloonde uren in de loonaangifte. Een parttimer is iedereen die op jaarbasis gemiddeld minder dan 35 uur per week werkt. Op jaarbasis mogen de verloonde uren van een parttimer niet meer zijn dan 130% van de contractuele uren. Een overschrijding van meer dan 30% heeft de hoge WW-premie over het gehele jaar tot gevolg. Dit klinkt ruim, want voor een 32-urige werkweek heb je dan een marge van ruim 9 uur per week. Een uitbetaling van een stuwmeer van verlof en tijd-voor-tijd telt echter ook mee in die verloonde uren, net als de meeruren voor het vervangen van een zieke collega.

Huiswerk

De scholen zijn weer begonnen en de scholier moet op tijd beginnen met zijn huiswerk. Voor de WAB hebben zowel de HR-, als de salarisafdeling hun huiswerk:

  • Is er van iedereen een schriftelijke arbeidsovereenkomst?
  • Klopt de codering in het salarissysteem voor bepaalde en onbepaalde tijd?
  • Kunnen contracten voor bepaalde tijd al eerder voor onbepaalde tijd worden verlengd?
  • Wat doen we met de lopende oproepcontracten en de min-maxcontracten?

Begin op tijd met de WAB, want de ‘inleverdatum’ van 1 januari 2020 zal niet opgeschoven worden.